Adopteer een plant of dier

Om het narratief van het verleden – heden – toekomst wat betreft biodiversiteit sterker te maken wordt, met de steun van IVN Natuureducatie, gestart met een ‘adoptieplan’. In dit citizen science project worden kleine groepen kenners/liefhebbers gevormd rondom een bepaalde plant- of diersoort. Zij krijgen begeleiding van een expert tijdens hun onderzoek, waarbij ze de Athena database gebruiken en verrijken. Om structuur aan te brengen in deze kennis, wordt er gewerkt met de vier V’s: het Voorkomen, de Verspreiding, de (hoe)Veelheid van de soort, en de Verklaring.

Vier V's

Wat willen we weten en waarom?

Er is over de Nederlands flora en fauna en hoe die zich heeft ontwikkeld veel bekend. Maar die kennis is gefragmenteerd, vervat in allerlei historische bronnen, recente tellingen, en verspreide literatuur. Om te begrijpen wat er met de natuur gebeurd is, willen we deze informatie bij elkaar brengen en standaardiseren - zodat we een groot en gedetailleerd overzicht krijgen van de veranderingen van de biodiversiteit in het verleden, en de oorzaken daarvan.
 
De Athena website presenteert een rijk overzicht van de beschikbare historische bronnen en vormt het uitgangspunt van dit Citizen Science project. Maar er is altijd meer, en een slimme zoektocht via Google levert vermoedelijk nog veel meer op. Maar we hebben hulp nodig om deze gegevens allemaal te verzamelen, en zo een systematisch overzicht van de ontwikkeling van de Nederlandse biodiversiteit op te bouwen. U kunt daarbij helpen door een dier- of plantensoort uit te kiezen en daarover de beschikbare gegevens te verzamelen en te ordenen. Met elkaar kunnen we dan de ontwikkeling van biodiversiteit en de oorzaken daarvan in kaart brengen. Om structuur aan te brengen in deze kennis, richten we ons op de vier V’s: het Voorkomen, de Verspreiding, de (hoe)Veelheid van de soort, en de Verklaring van een en ander. We gebruiken hieronder enkele voorbeelden uit de geschiedenis van vogels ter illustratie.

Voorkomen

Wanneer is de soort voor het eerste aangetroffen, wanneer eventueel weer uitgestorven, wanneer weer teruggekeerd? De laatste IJstijd functioneert daarbij als een soort nulpunt – de meeste nu in Nederland levende soorten kwamen hier niet voor, en hebben zich na de opwarming zo’n 10.000 tot 12.000 jaar geleden hier gevestigd. Ideaal is een historische boekhouding te krijgen van de in Nederland voorkomende soorten. Wat vertellen de archeologische bronnen over absolute en relatieve voorkomen? Komt men de soort al tegen op Laat Middeleeuwse en vroegmoderne schilderijen en prenten; en schrijven tijdgenoten – biologen en liefhebbers – al over de soort? Wordt de soort bejaagd en treft men hem aan in receptenboeken?

Verspreiding

Waar kwam de soort in Nederland voor? En hoe is dit veranderd in de loop der tijd? Kunnen er verspreidingskaarten gemaakt worden van de situatie in 2000, 1950, 1900, misschien 1800 of 1500? Hier kan teruggewerkt worden vanuit de grote vogelstellingen van de laatste 50 jaar (de eerste dateert van halverwege de jaren zeventig), en de informatie in vogelgidsen, de Nederlandsche Vogelen van Nozeman en consorten.

(hoe)Veelheid

Hoe omvangrijk was de populatie (broedvogels of wintergasten); hoe ontwikkelde die zich in de tijd? Zijn er vroege tellingen (vaak gepubliceerd in Ardea of Limosa) of kan de populatie op een andere manier gereconstrueerd worden (De Rijk gebruikte bijvoorbeeld prenten waarop ooievaarsnesten te zien zijn als bron). Een fraai voorbeeld van hoe dit kan is het artikel over de strandplevier, waarin de auteur erin slaagt om de mogelijke ontwikkeling van de populatie gedurende de 20e eeuw te reconstrueren. Het doel is dit type informatie systematisch te ordenen.

Verklaring

Wat verklaart de ups en downs van de populatie van 'jouw' soort – de komst naar Nederland, het verdwijnen en de eventuele terugkeer. De in Nederland broedende sterns maakten, bijvoorbeeld, in de afgelopen 150 jaar twee keer een crisis door: rond 1900 waren sternveren enorm modieus, en werden de vogels op grote schaal vervolgd (de ‘sterntjesmoord’), en rond 1960 leidde het ge-bruik van DDT en aanverwante middelen tot omvangrijke sterfte door vergiftiging; maar beide keren werd er ingegrepen (de eerste keer mede dankzij de net opgerichte Vogelbescherming). Zo zijn er over alle soorten verhalen te vertellen: de huismus kwam naar Nederland in het voetspoor van de landbouw, maar andere soorten – de kroeskoppelikaan, de kraanvogel, de zeearend - waren hier al inheems toen de landbouwende mens ten tonele verscheen. Kieviten en grutto’s vestigden zich op de weidelanden die door menselijk ingrijpen – de specialisatie op de melkveehouderij – in de loop der tijd ontstonden. Elke soort kent zijn eigen verhalen, en die willen we verzamelen en op den duur systematische analyseren.

Citizen science

Hoe willen we dit te weten komen?

 
ATHENA

Met behulp van crowdsourcing willen we een beter beeld krijgen van de geschiedenis van de Nederlandse natuur. In het project worden vrijwilligers – met de nodige kennis op dit terrein – gevraagd om informatie over bepaalde soorten op een systematische manier te verwerken. Gelijkaardige projecten hebben aangetoond dat citizen-science succesvol kan zijn in het aandragen van nieuwe bronnen, verwerken grote hoeveelheden materiaal en het produceren van systematische analyses.

Een deel van de kennis die nodig is voor de systematische analyse is samengebracht in het Athena-dataportaal. Via de Athena website zijn een breed scala aan historische, archeologische en biologische bronnen gezamenlijk te doorzoeken. Athena zal dan ook het centrale platform voor dit citizen-science project zijn. De website vormt niet alleen het startpunt voor de analyses, maar zal ook gebruikt worden om de gegevens over flora en fauna – die voortkomen uit de vier V’s analyse – samen te brengen.

Aanpak

1. Elke deelnemer ‘adopteert’ een diersoort, of een plant. Hij/zij krijgt daarbij naast de informatie die op Athena beschikbaar is, een dossier met tips (over historische bronnen), suggesties en voorbeeld studies. Zie als voorbeeld de begeleidende soortinformatie voor de Wolf.

2. Vervolgens kunnen zij zich richten op één, meerdere of alle V’s van analyse. Op de Athena website kunnen de gegevens van de analyses ondergebracht worden via een gepersonaliseerde pagina.

3. Er worden workshops, lezingen e.d. georganiseerd om een community te creëren en betrokkenheid bij het project te bevorderen, zoals een ‘café’ waar mensen hun bevindingen kunnen presenteren in een informele setting.

Verificatie

Een waardevol aspect van dit onderzoek is de inclusie van academische verantwoording door het koppelen van (primaire) bronnen. Ondanks de schaal van het project, streven we naar wetenschappelijke integriteit. Hoe we dit precies zullen handhaven, wordt nog verder uitgedacht. Er zou bijvoorbeeld een onafhankelijke kwaliteitscontrole uitgevoerd kunnen worden door (ingehuurde) experts uit het netwerk.
 

Resultaat

Naast dat de gegevens geïmplementeerd zouden worden in de Athena website, bestaat de wens om van de hoogtepunten (denk bijvoorbeeld aan verrassende ontdekkingen) van dit onderzoek een publicatie te realiseren voor een breed publiek van natuurliefhebbers, zoals de achterban van het IVN Natuureducatie. Daarnaast zal het mogelijk zijn de ontwikkeling van een groot aantal soorten op min of meer systematische manier in kaart te brengen, en een nieuwe ‘biodiversiteitsindex’ (Living Planet Index voor Nederland) te presenteren, vermoedelijk in het verlengde van de Athena-dataportal. De hoop tevens is dat dit project verschillende wetenschappers zal inspireren/aanzetten (en deels faciliteren) tot het doen van interdisciplinair en/of co-operatief onderzoek naar biodiversiteit. Thomas en Jan Luiten schreven over deze relevantie (ook voor de toekomst) al een artikel met de titel ‘Economic Development and Biodiversity’.

Deelnemers

Wie kunnen deelnemen?

Met de lancering van Athena worden rijke bronnen van informatie over de ontwikkeling van soorten dieren en planten in het verleden toegankelijk gemaakt. Het citizen science project is daarom ook open voor iedereen. Gezien de doelstelling - een systematische analyse op basis van een academische standaard – en het specifieke materiaal waarmee wordt gewerkt, zal er echter wel enige kennis van zaken nodig zijn om te kunnen deelnemen. In eerste instantie denken we dan ook om vrijwilligers van diverse verenigingen die al met Athena verbonden zijn te benaderen. Hierbij gaat het bijvoorbeeld om Sovon Vogelonderzoek Nederland, Ravon (kennisorganisatie voor reptielen, amfibieën en vissen), Floron (natuurorganisatie voor het behoud van de wilde flora van Nederland) en de Zoogdiervereniging.

De verzamelde kennis gaat natuurlijk wel verder dan alleen deze verenigingen.Het is daarom ook logisch om het IVN  als partnerorganisatie gericht op natuureducatie in de meest brede zin erbij te betrekken. Daarnaast is één van de doelen van het project het produceren van gefundeerde historische schattingen van de ontwikkeling van de populaties dieren (en planten) in Nederland, die ook gebruikt zouden kunnen worden voor het Living Planet Project (Index) van het WWF.

 
Bent u geïnteresseerd? Laat het ons weten!
 

Pilot

In juli start een pilot met een looptijd van een jaar, waarbij na ¾ jaar een evaluatie zal plaatsvinden over de voortgang. Omdat het een pilot betreft zullen de deelnemers actief betrokken worden bij het ontwikkelen en verbeteren van het project proces én de gebruiksvriendelijkheid van de database. In september 2019 wordt een bijeenkomst georganiseerd voor de mensen die zich hebben aangemeld, om zo meer inhoudelijke uitleg te geven en gevoel van gezamenlijkheid te creëren.

Om diepte te kunnen bieden, wordt voor de pilot periode gekozen voor een ‘etalage’ principe. Dat betekent dat we enkele soorten in de schijnwerper zetten, maar geïnteresseerden zijn ook vrij om zelf een soort te kiezen (uit het grotere ‘assortiment van de winkel’). Er is een selectie van 11 soorten gemaakt, waarbij het idee is om per soort een groep van ca. 11 mensen te vormen zodat er interactie ontstaat met gelijkgestemden. Deze groepen worden begeleid worden door een expert.

Bolderik
Boomkikker
Das
Zwarte kraai
Kwabaal
Lepelaar
Nachetgaal
Roggelelie
Vos
Wolf
Lepelaar

Project informatie

Publiciteit

Op maandagmiddag 1 juli 2019 staat de lancering van het Athena project gepland in het prestigieuze Academiegebouw van de Universiteit Utrecht. Hierbij is ruimte om deze pilot te presenteren aan de Athena achterban. Hierbij zal dan ook pers uitgenodigd worden. Het project zal via de diverse verenigingen ook de nodige aandacht krijgen en wellicht kan het eveneens gepresenteerd worden op andere universiteiten (in Nederland).

Voortzetting

Mocht dit project succesvol zijn, dan zou dit soort onderzoek, in samenwerking met het IVN (en vermoedelijk andere universiteiten van andere continenten), ook op wereldschaal georganiseerd kunnen worden. Ook hierbij is onder andere de verbetering van de data van Living Planet Index een doel.
 

Coördinatie en financiering

De organisatie en coördinatie van dit citizen-science project zal vanuit de Universiteit Utrecht verzorgd worden door Jan Luiten van Zanden, Thomas van Goethem en Deborah van den Herik, gefinancierd vanuit het Athena budget dat beschikbaar is gesteld door Clariah.